Parochies > Kerkelijk patrimonium > >


 

 

Sint-Juliaan - Sint-Juliaan  : Sint-Juliaankerk (Sint-Juliaan)


Oude kapel

Een eerste kapel dateerde waarschijnlijk uit de 14de eeuw.
Van dit gebedshuis zijn geen waarheidsgetrouwe afbeeldingen bewaard gebleven.

Nieuwe kapel

In 1817 verving men de oude bouwvallige kapel door een nieuwe.
De werken werden pas in 1824 voltooid.

Het nieuwe gebouw dat iets langer was dan het oorspronkelijke, droeg de belangrijkste gotische kenmerken : spitsbogen aan vensters en gewelven.

Over het interieur van deze kapel zijn de gegevens schaars. In de kapel bevond zich een oud beeldje dat de H. Julianus voorstelde volgens de beschrijving van het brevier. Boven het altaar hing een schilderij die de marteldood van dezelfde heilige uitbeeldde. Om de woorden van E.H. B. De Grave te gebruiken : " 't was geen kunstwerk".

De binnenkant van de kapel mat ongeveer 20 m x 6 m. Er was een bruikbare oppervlakte van 96 m² die door personen kon bezet worden.

Uibreiding kerk

Op 1 januari 1910 werd het plan voor de uitbreiding van de kerk goedgekeurd. De aanbouw van een rechterzijbeuk werd pas in 1912 voltooid.
Na de vergroting had de kerk een koor met een diepte van 4 m en was ze tot het koor 16 m lang. Ze had een breedte van 11 m (oude beuk 6 m; nieuwe beuk 5 m).

Er was plaats voor zowat 500 stoelen.

Sint-Juliaan heeft echter niet lang van deze grotere kerk mogen genieten. Reeds van bij het begin van de oorlog had het gebouw te lijden onder de beschietingen. Daarom besloot men een deel van de meubelen naar Sint-Jan over te brengen.

Tot Allerheiligen 1914 droeg een Franse soldaat-priester nu en dan de H. Mis op.

In het voorjaar 1915 was de kerk reeds ernstig geschadigd. Tijdens de slag van de gasaanvallen werd ook het torentje weggeschoten. De totale vernieling kwam er in 1917. De kerk werd dan zowat met de grond gelijk gemaakt.

De nieuwe kerk

Voor de heropbouw van de kerk van Sint Juliaan werd de eerste steen, met toelating van het bisdom, door E.H. De Baene gewijd op 22 mei 1925. Hij werd gemaakt door steenhouwer De Plancke uit Ieper en kostte 50 fr. De steen zelf is in de oostermuur ingemetseld (zijde van het kerkhof).

Op 25 maart 1926 werd de kerk ingezegend door Z.E.H. Deken Delaere van Ieper, die tijdens de oorlog bestuurder was van het vluchtelingenhuis te Wisques. Architect was J. Coomans uit Ieper. Aannemer Firmin Liebaert zorgde voor de opbouw. Het bouwwerk kostte 314 402,60 frank. De nieuwe kerk werd met een derde beuk uitgebreid, wat reeds vóór de oorlog voorzien was. Ze werd ongeveer op dezelfde plaats gebouwd als de vorige, alleen werd ze 10 m dichter bij de Brugseweg gebracht.

Het eenvoudige kerkje is opgetrokken in geelrode baksteen. De drieledige voorgevel heeft met zijn langgerekte steunberen (uitspringende schraagpijlers) en puntboogvensters een gotisch uitzicht. De drie beuken hebben een houten pitchpine gewelf dat steunt op pijlers in euville witsteen, pijlers die wel wat zwaar aandoen in verhouding met de afmetingen van het kerkje.
Het dak is bedekt met schaliën. Zoals het vorige gebouw is het geheel bekroond met een smal, zeskantig spits torentje dat geheel uit baksteen is opgebouwd. Vroeger had het een houten uitloop. Langs de voor- en achterkant is er een galmgat. Bovenop een handgesmeed kruis met koperen windhaan met bladgoud bedekt.

Binnenin bestaat de ingang uit een klein, stenen portaal. Daarboven bevind zich het doksaal dat afgeschermd is door een houten balustrade. Langs weerzijden van het koor bevinden zich twee bijgebouwtjes in dezelfde bouwstijl als de kerk. Ze doen dienst als sacristie en als bergplaats en hebben allebei een uitgang naar buiten.

Kerkschatten

De communiebank is gemaakt uit Hongaars eikenhout, eenvoudig, verzorgd en niet overladen.

Bijbelse figuren en symbolen zijn ingewerkt :

  • Broden en vissen : teken van Christus in het Nieuwe Verbond
  • Ichtus=vis (Grieks) : zinnebeeld van Jezus Christus.
  • Offerlam : symbool van Christus in het Oude Verbond.
  • Wereldbol en tarwearen : Christus in de wereld.

Het hoofdaltaar

Het altaar heeft een gotisch onderdeel in witsteen (blauwgrijs geschilderd) met vooraan twee pijlers in marmer en een altaartafel in gepolijste arduinsteen.

Boven het altaar bevindt zich een houten tabernakel (Lelan). Het tabernakel is ingebouwd in een retabel van eikenhout, in drie vakken verdeeld (onafgewerkt werk van Lelan).

Het middenvak stelt de kalvarieberg voor; het rechterpaneel de broodvermenigvuldiging; het linkerpaneel de Emmaüsgangers.

H. Delafonteyne voltooide de panelen en liet ze polychromeren. Oorspronkelijk hadden ze slechts één kleur.

Het O.-L.-Vrouwaltaar

Het O.L.Vrouwaltaar is gemaakt uit eikenhout, fijngesneden volgens de gotische stijl. De ingelegde altaarsteen stelt O.L.Vrouw van de rozenkrans voor.

De onderbouw bestaat uit drie panelen.

De zijpanelen stellen de vijf blijde mysteries voor en zijn op koper geschilderd.

Het middenpaneel is een retabel van een halfverheven beeldhouwwerk met O.L.Vrouw in gipsen afgietsel.

Het Sint-Juliaanaltaar

Onder het altaar is er een gipsen beeldwerk (Delafonteyne) dat de overleden Sint-Juliaan voorstelt met een palmtak in de handen en een kat aan zijn voeten.

Het centraal schilderij stelt de kalvarieberg voor met het heilig kruis en Johannes en Maria.

De zijtaferelen zijn op triplex geschilderd en stellen de ondervraging en de marteling van de H. Juliaan voor.

De schilderijen zijn het werk van Edmond Boutens en zijn in 1943 geschilderd, onder het bestuur van E.H. Coucke.

De doopvont bevindt zich achteraan links naast het portaal en is met ijzeren afsluiting afgebakend.

De predikstoel is gemaakt in eikenhout.

Drie panelen in houtsnijwerk stellen voor :

  • O.L.Vrouw, moeder van smarten
  • Het Heilig Hart
  • De H. Augustinus, kerkleraar
  • Druivenranken sieren het geheel

De beelden zijn allen in gips gemaakt. De namen tussen haakjes vermelden de makers.

  • Heilig Hart als Christus Koning (Delafonteyne)
  • Sint-Jozef (Lelan)
  • Sint-Juliaan (Lelan)
  • Sint -Antonius Abt (Lelan)
  • Sint-Antonius van Padua (Delafonteyene)
  • H. Theresia met het kind Jezus (Lipieux)
  • O.L.Vrouw koningin (Lelan)
  • Broeder Isidoor



  • Groot kruisbeeld
  • De veertien staties van de kruisweg
  • "Doopsel van Christus in de Jordaan"
  • "Jezus sterft aan het kruis"
  • "Boodschap aan Maria"
  • "Madonna met kind"

De kruisweg

De brandvensters werden in 1943 aangebracht onder het bestuur van E.H. Coucke, die de kerk heel wat verfraaide.

"Schepping, val en verlossing van de mens"

Geschonken door de E.H. De Grave.Bovenaan : drie engelen die de H. Drievoudigheid in de hemel voorstellen.
Eronder : het vagevuur en de hel, symbolen voor de onderaardse eeuwigheid.

"De aanleiding tot de zonde en de verlossing"

Geschonken door E.H. De Baene.

Eva en Maria met in de bovenocculus de beloofde Verlosser in de vorm van het kind Jezus.

Dood en nieuw leven

  • Adam, oorzaak van zonde en dood.
  • Jezus Christus, Verlosser, oorzaak van nieuw en eeuwig leven.
  • De verrezen Christus, priester van het Nieuwe Verbond met de H. Hostie als eeuwig voedsel.
  • Bovenocculus : Verlossing door de kruisdood
  • Geschonken door E.H. Coucke


"Verschijning van O.L.Vrouw"

Geschonken door Antoon Coucke-Baute (broer van pastoor Coucke)

Verschijning van O.L.Vrouw te Lourdes, ons aanzettend de rozenkrans te bidden.
"H. Antonius Abt"

Geschonken door de parochianen

De H. Antonius met de dieren van onze boerderijen.

In de bovenocculus : de éénbeukige kerk van vóór 1909.

Oorspronkelijk hing er een klokje van 41,5 kg. Er was een afbeelding van het H. Hart in gegraveerd en het droeg het volgende opschrift : " Jozef is mijn naam, toegewijd aan 't H. Hart van Jezus en gegoten na den oorlog in 1925 onder Pastoor J. Debaene".

In 1939 werd er een nieuwe klok gegoten met een do-toon. Ze weegt 52 kg. en heeft een diameter van 42 cm. De oude klok werd gesmolten.

Deze informatie is afkomstig van de Vrije Basisschool Sint-Juliaan

Noveen Sint-Antonius

Sint-Juliaan organiseert sinds mensenheugenis een noveen voor Sint-Antonius. Op de heiligenkalender staat Sint-Antonius - in de volksmond Toontje - op vrijdag 17 januari, de start van de noveen. De leerlingen van de Vrije Basisschool luisteren elk jaar een speciale viering op. Zij beelden het leven van de patroonheilige Sint-Antonius uit. Vroeger was voor Sint-Juliaan de maandag na de intrede altijd een hoogdag, met bedevaarders die tot in de late namiddag in het dorp bleven rondhangen. De dorpscafés deden daarbij gouden zaken.