Elverdinge > Homepage Elverdinge

Hisoriek van Elverdinge

OUD-BELGIE

De oude Belgen waren Galliërs. De Galliërs waren Kelten. De Kelten hadden hier de eerste bewoners overvleugeld rond 700 j. voor Christus. Germaanse stammen, vooral Friezen, vermengden zich in West-Vlaanderen met de Kelten. De Gallische stammen die hier woonden waren de Morinen, de Menapiërs, de Eburonen, enz. De Morinen en Menapiërs konden wol en vlas spinnen en weven, landbouwtuigen en boten maken. Ze kenden reeds gouden, zilveren en bronzen muntstukken. Het hedendaagse Elverdinge lag in Oud-België, in het land van de Morinen. De streek was met eeuwenoude bossen beplant en hier en daar lag een moeras.

HET ROMEINSE TIJDVAK

Elverdinge is meer dan waarschijnlijk ontstaan door de aanleg van de oude romeinse heerbaan of krijgsweg, die van Cassel naar de Zee liep door Steenvoorde, Poperinge, Elverdinge, Lizerne, Steenstrate, Merkem, Torhout, Brugge op tot Aardenburg (Nederland). Deze baan werd waarschijnlijk aangelegd onder de Romeinse Keizer Trajanus begin de jaren 100. Elverdinge, of beter, de streek waar ons Elverdinge later ontstond, behoorde dus 500 jaar lang aan de Romeinen. De bewoners leerden van de Romeinen en van de eerste geloofszendingen het land bebouwen en handel drijven. De Steenstrate is een overblijfsel van de oude Romeinse heerbaan.

HET FRANKISCHE TIJDVAK (begin der Middeleeuwen)

Meier maakt melding van Elverdinge in het begin van de IX eeuw, wanneer hij zegt dat Laudo van Elverdinghe, Testard van Boesinghe en Hugo van Langemarck tot gehoorzaamheid gedwongen werden door de bosheer (boswachter) Liederic vanwege hun struikroverij. Daaruit kan besloten worden dat Elverdinge, Boezinge en Langemark zeer oud moeten zijn en veel vroeger bestonden dan Ieper, Diksmuide, Dikkebus, Voormezele, Wijtschate, enz.

736 : Inval van de Noormannen in Vlaanderen waarbij zij alles verwoesten, verbrandden en iedereen vermoordden.

779 : Jaar van zware hongersnood. Karel de Grote beval aan al de Bisschoppen, Geestelijken, edellieden en bemiddelde personen om elk enkele armen te onderhouden.

HET FEODAAL-GEMEENTELIJKE TIJDVAK (van 843 tot 1384)

De Noormannen doen meer en meer kwaad. De Nederlanden worden verdeeld in grote lenen, die dan telkens in kleinere onderverdeeld werden. Men bouwt burchten of versterkte kastelen. Uit deze tijden dateren ook de wallen rondom veel hofsteden. De kasteelheren liggen voortdurend in oorlog met elkaar. Veel van deze heren trekken in kruistocht naar Palestina. De vrije lieden en vrijgemaakten krijgen voorrechten of keuren en vormen gemeenten. Er bestaan gilden en ambachten.

De Heerlijkheid van Elverdinge was een leengoed dat rechtstreek afhing van de graven van Vlaanderen. De gemeente of parochie moest later altijd min of meer de kasteelheer inzien of erkennen.

821 : Een felle winter. Men reed gedurende 30 dagen met geladen wagens op de Rijn en de Schelde.

999 : Een zware aardbeving, een staartster en het noorderlicht van 23 december boezemde het volk veel vrees in. Er werd immers door sommigen voorspeld dat de wereld met het begin van het jaar 1000 door het vuur moest vergaan.

1092 : Dit is een jaar van scherpe en langdurige koude met veel onstuimige winden, waarna in Vlaanderen een vreselijke ziekte woedde, genaamd "'t Heilig Vuur". Voor deze ziekte, waarvan de beschrijvingen doen denken aan lepra, bestonden geen geneesmiddelen en men nam zijn toevlucht tot God. En toch waren enkele huizen van die ziekte bevrijd. Het is dan ook van die tijd dat men hospitalen bouwde verre van de dorpskern.

1142-1143 : Een zeer strenge winter en erop volgend een zeer natte zomer veroorzaakte hongersnood en schaarste voor een periode van ruim 10 jaar.

1218 : De zee breekt door en zet het noordelijk en westelijk deel van Vlaanderen onder water. Nog hetzelfde jaar treed de pest in het land.

1219 : E.H. Willelmus is pastoor te Elverdinge.

1278 : Het grondgebied van Vlamertinge kwam tot tegen de kerk van Elverdinge.

1314 : Veurneambacht is helemaal ontvolkt. Sporkin, de baljuw van Veurne, doet overal houten huizekens zetten langs de weg van Yper naar Veurne, namelijk te Alveringem, Pollinckhove, Oostvleteren, Woesten en Elverdinge.

1315 : Grote hongersnood in onze streek

1328 : Op 23 augustus nemen de Elverdingenaren deel aan de slag van Cassel onder de baniere van Nikolaas Zannekin van Lampernisse.

1339 : De Fransen vielen West-Vlaanderen binnen en richtten grote vernielingen aan.

1363-64 : Zeer koude winter vanaf half september tot april.

1370 : Verwisseling van "hooghe landen" tussen Elverdinge en Vlamertinge. Om welke landen het hier gaat is nog niet achterhaald.

HET BOURGONDISCH TIJDVAK (van 1384 tot 1482)

De Nederlanden worden bestuurd door hertogen van Bourgondië, die terzelfdertijd graven van Vlaanderen waren. Het kasteel van Elverdinge behoort toe aan de bastaards van de graven van Vlaanderen. Roeland d'Ennetères sterft roemrijk met de wapens in de hand te Nancy, aan de zijde van Karel de Stoute.

1435 : De heerlijkheid van Elverdinge wordt gegeven aan de zoon van Philips de Goede, de bastaard Cornelis van Bourgondië.

1449 : Nikolaas van Aeltre laat de heerlijkheden van Elverdinge en Vlamertinge meten door Welin van Nieuwkerke.

EERSTE OOSTENRIJKSE TIJDVAK (van 1482 tot 1555)

De Nederlanden zijn bestuurd door Maximiliaan van Oostenrijk en Keizer Karel V.

1489 : Overeenkomst tussen de parochie en heerlijkheid van Elverdinge enerzijds en deze van Vlamertinge anderzijds, bij dewelke het magistraat van Vlamertinge het recht heeft zijn zieken te laten verzorgen in 't hospitaal van Elverdinge, mits een vergoeding van 1 pont parisis per hoofd en per twee dagen. Deze overeenkomst genoemd "tractate van den Siecke" werd twee eeuwen onderhouden.

1507 : Een onderzoek wordt gedaan, op bevel van het magistraat van Veurne, wegens een geschil dat sedert lange jaren bestond tussen enerzijds de afstammelingen van ridder Jan Spiers en de parochie Vlamertinge en anderzijds het hospitaal van Elverdinge.

1510 : Het proces eindigde met Vlamertinge aan het hospitaal van Elverdinge 12 pond parisis te doen betalen, waarbij ook bepaald werd dat Vlamertinge nog twee koeien moest weergeven die zij zonder recht hielden.

1522 : In en rond Elverdinge nestelden zich een groot aantal "Giptenaars" of Bohemers die roofden en stalen.

1549 : Elverdinge-Vlamertinge worden van elkaar gescheiden en vormen elk een afzonderlijke heerlijkheid.

SPAANS TIJDVAK (van 1555 tot 1713)

De Nederlanden beleven de omwenteling der XVI de eeuw of geuzentijd. Onder Albrecht en Isabella genieten ze wat rust. De oorlog tussen Holland en Spanje duurt tot 1648 (Vrede van Munster). Ons land wordt vervolgens het toneel van bloedige oorlogen tussen Frankrijk en Oostenrijk tot aan het Verdrag van Rastadt of Bareeltraktaat (1713-1714).

Elverdinge heeft veel te lijden van de geuzen : men bouwt er zelfs een geuzentempel. Onze streek ('t Westland) behoort meestal toe aan Spanje maar door oorlogen ook soms aan Oostenrijk of aan Frankrijk. Eindelijk in 1713 gaat het gedeelte van de streek waarin Elverdinge ligt over tot Oostenrijk en het ander gedeelte (Bergen, Burburg, Cassel en Belle) blijft aan Frankrijk.

1645 Vlaanderen is, in de eerste helft van de zeventiende eeuw, bijna helemaal ontvolkt : de opstanden, de oorlogen, de overstromingen, de pest, de kwade ziekten, de landverhuizingen en de schaarsheid der middelen brengen teweeg dat er parochiën gevonden worden waar er nog maar twee à drie mensen overblijven.

1668 : 150 familiën op Elverdinge

1689 : In de maand augustus werd heel het land door de Fransen geplunderd en geroofd.

1690 : De aardappels worden Europa binnengebracht en worden gekweekt als sierplant.

TWEEDE OOSTENRIJKS TIJDVAK (van 1714 tot 1794)

De Zuidelijke Nederlanden worden bestuurd door Karel VI, door Maria-Theresia, Jozef II en Leopold II. Onder Karel VI en Maria-Theresia genieten zij geluk en vrede, maar onder Jozef II ontstaat de Brabantse omwenteling.

Elverdinge geniet ook rust, tenzij onder Jozef II.

1744 : De koeiplaag heerst zo hevig gedurende vijf jaar door heel Vlaanderen, zodat er weinig koeien gespaard bleven.

1759 : De "Generaliteyt van d'Acht Parochiën" (of anders genoemd : "'t Ambacht van Veurne") scheidde zich af van Veurne.

1771 : Het Hospitaal van Elverdinge is nog een private bidplaats.

1772 : De aardappels worden gedurende 15 jaar lang aangetast door een ziekte die men 'de krul" noemde. Men deed uit Amerika nieuw aardappelzaad brengen, waaruit nieuwe soorten gewonnen werden en de plaag verdween.

1784 : Door een bevel van 24 juni, verbiedt de Keizer Jozef II nog doden in de Kerk te begraven.

1786 : Keizer Jozef II gebiedt alle parochiën, dorpen en steden kermis te vieren op dezelfde dag, namelijk de tweede zondag na Pasen. Alle broederschappen worden afgeschaft en ook de processiën, uitgenomen deze van 't Heilig Sakrament en van de drie Kruisdagen.

1792 : De Fransen verklaren dat zij tot de Belgen gekomen zijn als vrienden en medeburgers, dat zij de haat tegen de koningen meebrengen en dat hun liefde gaat naar vrijheid en gelijkheid. Op 22 september begint het jaar I van de Franse Republiek.

1794 : Op 18 juni valt Ieper in handen van de Fransen (onder Generaal Pichigru). Er was algemene vrees, Genereaal Pichigru joeg angst in de mensen. Men vluchtte met alles en men dolf al wat waarde had.

FRANS TIJDVAK (van 1794 tot 1814)

De Zuidelijke Nederlanden beleefden de slechtste tijd : kerken gesloten ; priesters verjaagd ; soldatendwang ingebracht ; schavot opgericht. Kortom, de Vlamingen ondervonden al het negatieve van de "Franse Revolutie" en van de oorlogszuchtige Napoleon Bonaparte.

1794 : De assignaten (of papiergeld) werden in ons land gangbaar verklaard. Dit papiergeld dompelde veel mensen in uiterste armoede.

1797 : De storm van de Frans Revolutie brak hier los. Het Frans Staatsbestuur eiste een eed, die door al de priester van de Katholieke Nederlanden moest afgelegd worden. Gezien deze eed ongeoorloofd was, weigerden de priesters van Elverdinge deze af te leggen. Als gevolg hiervan werd de openbare goddelijke dienst afgeschaft. Te Elverdinge moesten pastoor Deleu en Kapelaan Danneel vluchten, al hun goed werd staatsgoed, de grote klok werd uit de toren gehaald en de kerk werd gesloten op 1 oktober 1797. Op het einde van het jaar 1797 werden de kerkgoederen verkocht. De Fransen dwingen de onderwijzers hun eed te doen voor de Franse Wet en in plaats van de christelijk lering moesten zij aan de kinderen de "Rechten van de Mens" leren.

1798 : De loting werd, voor de eerste maal, in België in voege gebracht.

1802 : Door het konkordaat van 15 juli 1801 werden de kerken in Vlaanderen heropend, de priesters keerden weer uit hun ballingschap, de kerkelijke diensten werden in vrijheid uitgeoefend, de bisdommen van Antwerpen, Brugge en Ieper werden afgeschaft. Elverdinge valt onder het bisdom Gent. Op 9 april schaft Paus Pius VII alle feestdagen af, uitgenomen O.H. Hemelvaart, O.L.V. Hemelvaart, Allerheiligen en Kerstdag.

Alle akten moeten in het Frans opgesteld worden. Er wordt maar één jaar tijd gegund om de Franse taal aan te leren.

1805 : Op 1 mei wordt de Rupublikeinse kalender door keizer Napoleon afgeschaft.

1811 : Keizer Napoleon ontbindt op 26 februari al de gilden van Rhetorica of Rederijkers.

1812 : De Vlaamse kranten moeten, door besluit van keizer Napoleon, van een franse vertaling vergezeld zijn.

De Vlaamse jeugd moet mee met het leger van Napoleon om de wereld te gaan veroveren. Zij kleurt met haar bloed de Europese slagvelden voor doeleinden die ons land niet ten goede kwamen.

HOLLANDS TIJDVAK (van 1814 tot 1830)

Het tractaat van Parijs (30 mei 1814) bepaalde dat de Zuidelijke Nederlanden met Holland zouden verenigd worden. De twee landen vormden het Koninkrijk der Nederlanden onder de stichter Willem I, prins van Nassouwen. Eindelijk, maar slechts voor korte duur, is de Dietssprekende (Nederlandssprekende) bevolking van Zuid- en Noord-Nederland verenigd.

1817 : Elverdinge telt op 3 oktober 235 huizen, 50 schuren, 50 paardenstallen, 1350 inwoners, 470 mannen in staat van te werken, 3 timmerlieden, 3 wagenmakers, 5 smeden, 6 schoenmakers, 5 kleermakers, 3 beenhouwers, 4 bakkers, 4 ovens die dooreen 60 broden konden bevatten, 2 molens die bij goede wind elk 5 hectoliters per uur konden malen, 80 paarden, 60 wagens, 500 hoornbeesten, 100 schapen, 100 zwijnen.

1819 : De benaming van 'Meier' verandert in 'Burgemeester'.

1823 : Het Nederlands wordt de officiële taal.

1825 : De grote klok wordt in de toren gehangen. Zij heeft 1,48 m doorsnede en is 1,16 m hoog.

BELGISCH TIJDVAK (van 1830 tot ....)

België wordt bestuurd door Leopold I, Leopold II, Albert I, Leopold III, Boudewijn, Albert II en wellicht binnenkort door Philip.

Elverdinge krijgt kalsijden en steenwegen, paardenfeesten, oudemannenhuis, een naald op de toren, trams, post, telegraaf, telefoon.

1830 : Op 25 augustus begint te Brussel de Belgische omwenteling. In oktober worden alle miliciens en krijgslieden van Elverdinge onder de wapens geroepen. Verscheidene huzaren vluchten van Antwerpen en komen hier en elders hun paarden verkopen.

1831 : Leopold I wordt plechtig tot Koning der Belgen ingehuldigd.

1833 : Het bisdom Brugge wordt heropgericht en Mgr Boussen is bisschop.

1843 : De stenen Molen van Elverdinge wordt gebouwd door M. Vermeulen-Smagghe. Er waren toen te Elverdinge 6 broodbakkers, 1 briekebakker, 2 die bloeme maken van amel, 2 beenhouwers, 2 bierbrouwers, 1 chirurgien, 2 commissionarissen, 1 fabrikant van chocolade, 1 fabrikant van cotonette, 2 glaswerkers, 1 gareelmaker, 13 herbergiers, 1 horlogemaker, 4 kleermakers, 3 kloefekappers, 2 kuipers, 1 leermaker, 3 metsers, 2 boden, 2 molenaars, 1 olieslager, 4 rondventers, 3 smeden, 3 schoenmakers, 1 stoeldraaier, 1 sterke drankverkoper, 2 timmerlieden, 2 veeartsen, 2 vlasarbeiders, 17 winkeliers, 4 wagenmakers, 1 wollekammer.

1844 : Hongersnood in de jaren '40.

1845 : Op het einde der maand juni verscheen een ziekte op de aardappels, die na verscheidene jaren nog niet geheel verdwenen was.

1847 : Grote armoede veroorzaakt door de aardappelplaag, mede ook door het verval van het spinnen en van de weverij.

1848 : Veel mensen sterven aan de pokken.

1867 : De sneeuw lag 60 cm dik op het platteland. Op 2 februari sterft Graaf d'Ennetières-d'Hust, burgemeester van Elverdinge.

1871 : Beestenplaag : 16 horenbeesten moesten gedolven worden op de hofstede van Pieter Beck. Vette, hooi, strooi, enz. moesten gedolven of verbrand worden. De hofstede was 19 dagen lang door de gendarmen afgezet.

1872 : 16 januari : Beestenplaag op de hofstede van de kinders Decat. De gouverneur Vrambout kwam zien met M.M.Desmedt, Demeester van Meessen, Criem van Ieper; Laridon, Depraeter, enz. 27 horenbeesten stierven en werden afgemaakt in 3 dagen tijd. 3 honden, 6 katten, 35 hennen, 6 hanen en 6 eenden moesten gedood worden. De vloeringen moesten uitgebroken en een spit land uitgenomen worden. Hooi, strooi, diltpersen werden verbrand. Gendarmen en troepen bewaakten de hofstede. Hetzelfde jaar kocht men voor 5700 F beesten in.

1883 : Op de hofstede " 't Hospitaal" heerst een angstaanjagende ziekte, waarschijnlijk de vliegende tering. Vader en moeder Biarez-Bostyn en vijf kinderen sterven tussen 15 maart en 2 juni "lijk een schaduw".

1883 : Op 24 augustus sterft M.Eduard Vanderghote, Ridder van de Leopoldsorde, burgemeester van Elverdinge. Hij was 75 jaar oud.

1890 : Er worden zes statiën van de H. Livinus geplaatst. De eerste tram reed op de lijn Ieper-Veurne.

1904 : Elverdinge krijgt zijn wapen. Het muziek wordt ingericht en voor de derde keer worden paardenfeesten georganiseerd.

1905 : Op zondag 25 augustus wordt in het Park van het Kasteel te Elverdinge een groot vaderlands feest gegeven voor de 75e verjaardag van de onafhankelijkheid van België. Op zondag 17 december plechtige gelukwensen voor de Heer schepen Clement Decat, voor het kruis van eer, bekomen voor meer dan 35 jaar deel uit te maken van de gemeenteraad van Elverdinge.

1906 : Op 24 september rijdt de tram Elverdinge-Diksmuide. Er zijn 14 studenten te Elverdinge : twee in de Hogeschool van Leuven, één in de St-Lucasschool te Gent, twee in de Normaalschool te Torhout, twee in het College te Poperinge en zeven in het College van Ieper.

1908 : In de hof van Meester Tamboryn wordt een nieuwe school voor de jongens gebouwd.
Ook in 1908 wordt de melkerij van Elverdinge gebouwd.

1909 : Het gewapend pompierskorps werd gesticht op 17 september. Onder bevel van onderluitenant Dr. Louf. De Graaf C. de Laubespin kocht de uniformen die buitengewoon waren.

1910 : Er wordt begonnen met grote herstellingswerken aan de kerk waarbij de kosten rond de 100.000 F belopen.

1913 : De eerste Elverdingnaren, de drie broers J., D. en W. Moyaert vertrekken naar het verre Congoland.

1914-1918 : Gedurende de oorlog kwamen er 247 Elverdingenaars onder de wapens. Onmiddellijk voor de oorlog telde de gemeente 1660 inwoners. Op 100 inwoners waren er dus 15 soldaten, wat zeer veel is. Van die 247 mannen sneuvelden er 22 en na de oorlog stierven er nog 3 ten gevolge van oorlogskwalen. 6 Elverdingse soldaten werden krijgsgevangen gemaakt en verbleven een tijd in Duitsland. Er zijn officieel 20 oorlogsinvaliden.

1919 : Alles op de dorpsplaats is weggevaagd. Het puin van de kerk, van de meisjesschool en van de begraafplaats van het kasteel geven een zeer trieste aanblik.

Men is bezig met het opkuisen, met het opzoeken van de eigendomsgrenzen en met het zetten van noodwoningen. Langs de Vlamertingsesteenweg ligt er een groot kamp vol met Duitse krijgsgevangenen, die hier frontwerk komen verrichten. Eind 1919, één jaar na de wapenstilstand. is het land van Elverdinge voor de grote helft geëffend. Het merendeel van de hofsteden is weer bewoond, maar slechts op de meest primitieve wijze. Op veel plaatsen slapen mensen en dieren bij elkaar en de wegen zijn echte slijkpoelen. Hier en daar vindt men vuile kampen, omgeven met roestig, slecht gespannen prikkeldraad. De mensen in deze kampen lijken halve demonen. Het zijn meestal Chinezen en andere kleurlingen, het uitschot van de bevolking van daar, dat door de Engelsen opgetrommeld is geweest om hier het vele onhebbelijke en gevaarlijke werk te verrichten. Ze houden zich bezig met het weghalen en het opbergen van achtergebleven oorlogsgoed en obussen, met het ontgraven en het weer begraven van lijken, met het uitbreken van strategische spoor- en andere wegen enz. Het doet uiterst akelig aan wanneer men 's avonds langs donkere eenzame wegen zo ineens botst op enige van die haveloze kerels. De mensen mijden ze zeer, want er wordt veel gestolen en zelfs gemoord, dit misschien niet door die kerels, maar ze hebben toch de reputatie.

Op het einde van 1919 is er weer een regelmatige tramdienst tussen Veurne en Ieper.

1920 : Al wie aannemer, bouwmeester, metser, timmerman, aardwerker is wordt naar het front getrokken. De werklieden kunnen tot 60 F en zelfs meer per dag verdienen. Dit jaar en de drie die volgen zijn van de beste voor onze streek. Er wordt veel gewonnen en veel verteerd.

Op tweede Paasdag wordt de Vossenvlag, geschonken door graaf C. de Laubespin, plechtig ingehuldigd. Gedurende de mis worden er doodsantjes (gedachtenisprenten) uitgedeeld waarop de portretten staan van onze 22 gesneuvelde Elverdingenaren.

1921 : Dit is het groot jaar van de heropbouw. Op het einde van het jaar telt onze gemeente 1628 zielen.

1923 : Onze burgemeester, graaf C. de Laubespin, komt weer onze gemeente bewonen. Hij betrekt de woonsten van de hovenier en van de autovoerder tot dat zijn kasteel herbouwd is.

1925 : Het kasteel dat gedurende de oorlog uitbrandde, wordt nu met wat wijzigingen weer opgetrokken.

1928 : Dr. Emiel Louf, één der beste en meest gekende geneesheren uit de streek overlijdt. Zijn werk was helemaal aan zijn zieken gewijd en hij spaarde noch nachtrust, noch studie, noch werk om de moeders en de zieken te helpen.

De melkerij wordt herbouwd.

De gemeente sluit een kontrakt voor 30 jaar af met de "Société générale Belge de distribution électrique". Op 27 oktober onvangt de gemeente voor het eerst elektrisch licht.

Heer burgemeester graaf C. de Laubespin, die droomt van een zeer mooie en modern-ingerichte gemeente, wou graag een waterleiding zien tot stand komen. Vele huisgezinnen hadden nu slecht water. De burgemeester was ervan overtuigd dat er op ca 100 m diepte kristalklaar water aanwezig was onder de dikke kleilaag. Van daar beneden zou hij het doen bovenpompen in vergaarbakken of in een waterkasteel om het dan van daar naar de woningen te brengen.


Bron : Geschiedenis van Elverdinge 1929 door Constant en Paul Tamboryn.

Deze informatie is afkomstig van de Vrije Basisschool Elverdinge.